De Techniek
Het proces
Het principe van de waterglas injectietechniek mag dan eenvoudig zijn, de methode is erg effectief. Klik hier voor een grafische weergave van het complete proces.
Waterglas injectie
De aan te leggen bouwput wordt begrensd door dam-, diep- of soilmix wanden. Geotechnisch onderzoek heeft in een eerder stadium de aanwezigheid van een injecteerbare laag (zand of fijnkorrelig grind) aangetoond en bepaald op welke diepte die laag aanwezig is. Op basis van dat grondonderzoek wordt het injectieplan opgesteld.
De voorbereiding van de feitelijke injectieprocedure vergt weinig tijd. In de kassen van een geprepareerde damwandplank worden links en rechts injectielansen ingebracht. Daarna wordt de plank de bodem ingetrild* tot op de vooraf bepaalde diepte. Vervolgens wordt de damwand getrokken, de injectielansen (flexibele kunststofslangen) blijven achter in de grond. De installatie schuift (meestal een meter) op en de procedure wordt herhaald. Terwijl het inbrengen van de injectieslangen voortgaat, kunnen de eerste zwarte injectieslangen al worden gekoppeld aan blauwe transportslangen die met de injectiecontainer zijn verbonden. Afhankelijk van de ingezette injectiecontainer worden vervolgens tegelijkertijd 8, 16, 22 of zelfs 32 injectieslagen gevuld met waterglas en harder, vermengd met water als transportmedium.
*In uitzonderingsgevallen worden de slangen stuk voor stuk met een boorbuis de bodem ingebracht. Kostenverhogend, maar trillingvrij.
Monitoring
Per injectiepunt wordt computergestuurd voldoende waterglas in de grond gepompt om een bolvormig injectielichaam van ongeveer 1m ø te realiseren, een aantal meters onder de toekomstige vloer van de te graven bouwkuip. De aaneengesloten bollen vormen in de grond een dicht waterkerend ‘tapijt’ van grond, waterglas en harder. Boven de bodemafsluiter wordt een grondpakket gehandhaafd om voldoende neerwaartse druk op het waterglastapijt uit te oefenen. Het grondpakket boven de bodemafsluiter wordt gedraineerd om achtergebleven grondwater en hemelwater af te voeren zodat de kuip droog ontgraven kan worden. Dat aspect van het proces wordt met vooraf aangebrachte peilbuizen gemonitord.
Na afloop worden de injectieslangen per twee tegelijk mechanisch uit de grond getrokken of ze worden met de grond afgegraven en afgevoerd. Het is de opdrachtgever die dat bepaalt.
Afhankelijk van de afmetingen van het project kan al met afgraven worden begonnen terwijl in een ander segment van de bouwkuip nog wordt geïnjecteerd of zelfs nog slangen moeten worden ingebracht.
Ook in dat opzicht toont Soil-ID zich een super efficiënte partner van de hoofdaannemer, ongeacht of we alleen een waterkerende injectielaag aanbrengen of als onderaannemer verantwoordelijk zijn voor het realiseren van de complete bouwkuip.
